Kiezen voor de juiste PBM’s

U kent het wel: u hebt een snijbestendige handschoen nodig en pakt de eerste de beste gids met persoonlijke beschermingsmiddelen om er een uit te zoeken, of u laat zich inspireren op een beurs. Eigenlijk is dat het paard achter de wagen spannen. Zelfs de wetgever is het daarmee eens.

Het Arbobesluit geeft duidelijk aan hoe de keuze voor een persoonlijk beschermingsmiddel tot stand moet komen (artikel 8.2) en aan welke voorwaarden het
moet voldoen. In het keuzeproces speelt de risico-inventarisatie en -evaluatie (RI&E) een belangrijke rol. Daarin worden de gevaren omschreven waaraan werknemers blootstaan, en de omstandigheden waaronder deze zich kunnen voordoen.
De RI&E is goed te gebruiken voor nieuwe situaties, maar voor bestaande situaties is een GAP-analyse beter. Je vraagt medewerkers welk beschermingsmiddel ze gebruiken, en kijkt tegen welke gevaren dit bescherming biedt. Hier kan een gap
tussen zitten die tot een gevaarlijke situatie kan leiden. Het is belangrijk om alle blootstellingsmomenten in kaart te brengen, samen met de gebruikte PBM’s en hun eigenschappen. Zo kun je zien waar de gaten zitten. Bovendien kun je (opnieuw)
beoordelen of bronaanpak mogelijk is, waardoor het gebruik van PBM’s overbodig zou worden.

Lees hier het hele artikel geschreven door Rick van der Heide voor het vakblad Arbo het vakblad voor Arbodeskundigen.
Rick van der Heide is tevens docent van onze cursus  Praktijkopleiding PBM en de Masterclass PBM-beleid .