Het juiste leerklimaat

Hoe leer je ander gedrag aan?

Hoe creëer je als veiligheidskundige een leerklimaat waardoor medewerkers nieuw gedrag durven in te zetten? Iemand wijzen op fouten, helpt in ieder geval niet, zo heeft Bandura ontdekt. Maar wat helpt wel?

tekst Rick van der Heide

Om ander gewenst gedrag te kunnen vertonen is een leerklimaat nodig waarbij medewerkers niet in het zwarte gat van Bandura terechtkomen (zie tekening). Bandura (Bandura, A., 1977, Social Learning Theory) heeft ontdekt dat er een afvlakking van de leercurve is en zelfs eventueel een verval naar het oude gedrag, wanneer het leerklimaat gericht is op het wijzen op fouten en het blijven aanmoedigen (leerklimaat 1). In het begin van het leerproces is er een opgaande curve en is er vertrouwen om te leren, doordat de geleverde prestatie in lijn is met de verwachting. Het afvlakken van de leercurve ontstaat doordat de verwachtingen achterlopen met de prestatie, wat veroorzaakt wordt door de grenzen van de huidige competenties. Het delegeren van werk lukt je pas als je erachter komt waarom die competentie inzetten je nog niet gelukt is.

Vier stijlen van leidinggeven

De wetenschappers Hersey en Blanchard onderscheiden vier stijlen van leidinggeven: instrueren, overtuigen, overleggen en delegeren. Het kan zijn dat iemand jarenlang goed leiding heeft gegeven door steeds taakgericht te sturen, door te instrueren en te overtuigen. Maar als hij of zij er dan achterkomt dat het veiligheidsgedrag op de werkvloer niet verbetert, omdat medewerkers uiteenlopende meningen daarover hebben, dan is het tijd om een andere stijl in te zetten. Bijvoorbeeld delegeren: de verantwoordelijkheid neerleggen waar die hoort. Maar omdat hij daar de afgelopen jaren geen competenties voor heeft ontwikkeld en niet heeft ervaren wat delegeren hem op kan leveren, heeft hij een juist leerklimaat nodig om dit wel te kunnen laten zien. Omdat hij in zijn leercurve tegen zijn eigen grenzen en zijn eigen vermogens aanloopt, helpt aanmoedigen niet meer. In mijn coachpraktijk komt het veelvuldig voor dat een leidinggevende zich maar richt op twee van de in totaal vier stijlen van leidinggeven. Met instrueren en overtuigen kom je als leidinggevende een heel eind. Maar als medewerkers het onveilig gedrag (blijven) vertonen dat ze toch niet de machines energieloos stellen voor aanvang van de schoonmaakwerkzaamheden, helpen deze stijlen van leidinggeven niet meer. Dan helpt het aanmoedigen van deze leidinggevende om te delegeren niet om hem wél te laten delegeren. Vraag hem dan naar zijn belemmerende overtuigingen. Door daar naar te vragen laat je hem zelf ontdekken wat nodig is om wél te durven delegeren.

Lees hier het hele artikel (pdf) geschreven door Rick van der Heide, coach, hoger veiligheidskundige van Copla Opleiding-Training-Consultants-Coaching voor het Vakblad Arbo.