Verlofuren doneren: vragen mag, dwingen niet

Een werkgever die zijn werknemers verplichtte om vakantiedagen in te leveren wegens de coronacrisis, krijgt het deksel op de neus van de rechter. Een werknemer die het niet met de vakantiedagenregeling eens was, krijgt gelijk. De rechtbank bevestigt dat hij recht had op de uren en ontbinding van de arbeidsovereenkomst wegens een verstoorde arbeidsrelatie (g-grond) wordt ook afgewezen.

Een producent van maritieme navigatie- en communicatiesystemen verzocht alle werknemers in 2020 vanwege de coronacrisis vakantiedagen of om ze voor 30 juni op te nemen. Een van de werknemers zat op dat moment in een re-integratieproces na een revalidatietraject vanwege een hartinfarct en wilde re-integreren bij hetzelfde bedrijf. De rest van 2020 verliep niet voorspoedig met onder meer een nieuwe ziekenhuisopname en mislukte werkhervattingspogingen.

Doneren vakantiedagen

In februari 2021 meldt de werkgever dat de werknemer inmiddels het maximumaantal uren voor doktersafspraken gedurende werktijd zoals opgenomen in de cao had bereikt. Ook informeerde het bedrijf de werknemer over het opnemen van vakantiedagen, waar de werknemer aanvankelijk ook mee akkoord was gegaan. Hij sprak toen af vakantiedagen op te nemen, 8 dagen mee te nemen naar 2021 en de overige 13,5 dagen doneerde aan het bedrijf. De werknemer was het daar achteraf niet mee eens.

Ontslag afgewezen

Na intern beraad stapt de werkgever naar de rechter om de arbeidsovereenkomst te ontbinden. Uit interne memo’s blijkt dat ze de prestaties van de werknemer ondermaats vinden en ze hebben zich tijdens zijn re-integratie ook prima zonder hem gered. Maar bij de rechter dienen ze een andere reden in: een verstoorde arbeidsrelatie (g-grond). De werkgever vindt dat de werknemer tijdens zijn re-integratie de werkgever onvoldoende op de hoogte heeft gehouden van zijn herstel. Zo zou hij door het UWV al in oktober 2020 volledig arbeidsgeschikt zijn bevonden terwijl hij in februari 2021 nog steeds niet volledig werkte. Ook de doktersafspraken vielen telkens, zonder overleg, binnen werktijd. Maar het bedrijf heeft daar geen onderzoek naar gedaan, de werknemer ervan op de hoogte gesteld, een mediator ingezet of gekeken naar eventuele herplaatsing. ‘De kantonrechter constateert dat gesteld noch gebleken is dat [de werkgever] heeft geprobeerd de door haar ondervonden verstoring van het vertrouwen in [de werknemer] en daarmee van de arbeidsrelatie te verbeteren of te herstellen.’ De rechter wijst het ontbindingsverzoek daarom af.

Zonder onderzoek geen grond

Als er een redelijke grond voor ontslag is en herplaatsing van de werknemer binnen een redelijke termijn in een andere passende functie niet mogelijk is of niet in de rede ligt kan een werknemer wel degelijk op basis van een verstoorde arbeidsrelatie worden ontslagen. Maar dan moet de werkgever wel aantonen dat dat het geval is én dat de werkgever in elk geval alles heeft gedaan om die relatie te herstellen. In dit geval is geen enkel bewijs dat dit is gebeurd. De rechter komt daarom ook niet toe aan het beoordelen van het gedrag van de werknemer.

Vakantiedagen blijven staan

De werkgever heeft alle werknemers gevraagd om de vakantiedagen in te leveren. Maar er bestaat geen bewijs waaruit blijkt dat de werknemer ‘definitief, ondubbelzinnig en in alle vrijheid’ akkoord is gegaan met dat verzoek. Zonder een antwoord op het verzoek is er ook geen bewijs dat de werknemer afstand heeft gedaan van zijn verlofuren. ‘Dat [de werkgever] aan haar werknemers heeft verzocht om in verband met covid-19 vakantie op te nemen en of dagen te doneren, doet er niet aan af dat covid-19 niet als grondslag kan dienen om een werknemer te verplichten verlofuren in te leveren.’ Wie zwijgt stemt toe, geldt hier dus niet.

Uitspraak rechtspraak.nl

Bron: Salarisnet.nl