Omvallen met een hoogwerker: met virtual reality kan dat gewoon

Een fout maken zónder dat het echt fout gaat. In een neppe wereld kan dat. Bij Heijmans besloten ze daarom een virtuele bouwplaats te creëren met virtual reality (VR), om medewerkers te trainen op veilig werken. Ze zijn nog maar een paar maanden bezig, maar al razend enthousiast.

Het gebruik van VR in de bouw is geen vreemd concept. Ook bij Heijmans werd het bijvoorbeeld gebruikt voor het visualiseren van BIM-modellen. Maar trainingen geven met VR, dát was wel nieuw voor ze. BIM-regisseur en adviseur Thomas Smits kwam de mogelijkheden tegen op een congres in Frankfurt. “Dat was echt een ‘wauw’-moment”, vertelt Smits. “Als dit allemaal kan met VR, dan moeten we dat als Heijmans ook gaan gebruiken ten aanzien van veiligheid, dacht ik toen.”

Hij besprak de trainingsmogelijkheden met collega Werner van Eck, programmamanager veiligheid, en al snel begon het balletje te rollen. Sinds oktober worden er nu echt veiligheidstrainingen gegeven via VR.

Glazen plafond

Zijn er niet al trainingen genoeg? Waarom weer wat nieuws verzinnen? “We liepen tegen een glazen plafond aan”, legt Van Eck uit. “De cijfers rondom veiligheid stagneerden en ze wilden maar niet dalen.” Hoewel het bedrijf zich al zeven jaar intensief inzet om het aantal ongevallen naar nul te brengen, met het programma Geen Ongevallen (GO), is de praktijk weerbarstiger.

Een glazen plafond die niet te doorbreken is. Alsof ons brein ons maar tot een bepaald niveau van veiligheidsbewustzijn brengt. Het enthousiasme en de hoge verwachtingen rond de VR-trainingen zijn dan ook simpel te verklaren: het is eens écht iets anders.

Gevoelsmatig omvallen

Anders, dat is het zeker. De medewerkers leren echt door te doen en door eventueel fouten te maken. Die impact is vooral te zien bij de training over werken met hoogwerkers. Op de virtuele bouwplaats moet de medewerker met de VR-bril op rondrijden in de hoogwerker. Dat gaat niet altijd goed. “Je moet bijvoorbeeld niet over oneffen terrein rijden”, zegt Van Eck. “Als je dat wel doet, dan kan de hoogwerker omvallen. En iemand die zo’n bril op heeft, valt ook echt gevoelsmatig om. Je ziet de persoon dan helemaal schuin staan, alsof hij valt.

“Dat maakt veel indruk én heeft impact op toekomstig gedrag. Je kunt onveilige situaties op een heel veilige manier trainen.” Een fout maken zonder dat het fout gaat dus.

Gedrag is onbewust

Dat schrikken werkt inderdaad goed, bleek uit de feedback. “De beleving en de handelingen die mensen doen, worden opgeslagen in het brein alsof ze het echt hebben meegemaakt”, zegt Smits. Dat maakt het zo krachtig.” Dat geldt ook voor de simpelere taken in de andere twee trainingen die het bedrijf heeft ontwikkeld, zoals het herkennen van gevaren en risico’s, en het voorbereiden op werken met de hoogwerker.

Zo moeten de medewerkers het juiste – virtuele – materiaal pakken, de juiste checks uitvoeren en gevaren herkennen. Zijn dat niet al dingen die de medewerkers weten? “Het feit dat mensen iets weten is geen garantie dat ze het ook doen”, zegt Van Eck. “Het meeste gedrag dat mensen laten zien is onbewust. Het feit dat je ooit een training hebt gehad, een aantal jaar geleden of recent, is geen garantie dat daarmee je gedrag ook veranderd is.”

Levensechte bouwplaats

Ook hebben mensen door de jaren heen een eigen manier van werken gecreëerd, legt Smits uit. Daarom zit er ook veel herhaling in de training. In het begin van de training maken mensen gemakkelijk een foutje, of maken ze onbewust een keuze zonder stil te staan bij de veiligheidsrisico’s. “Maar gedurende de training zie je al dat ze daarvan geleerd hebben”, zegt Smits. “Van jong tot oud: het wordt snel opgepakt.”

De medecursisten kijken mee via de schermen en komen later zelf aan de beurt. Hoewel de beelden er zonder bril op nogal computerachtig uitzien, verzekeren Van Eck en Smits dat het met bril net een levensechte bouwplaats is. “Je moet het echt doen om het te ervaren”, zegt Smits. “Het effect kun je niet vanaf het scherm overbrengen.”

Stip op de horizon

We moeten op een andere manier naar trainingen kijken, vindt Van Eck. Meer zelf doen, en vaker herhalen. “Je ziet dat het effectiever is als je veel frequenter kort een herhaling doet van trainingen.”

Ook zit het in de omgeving, vervolgt Van Eck. Je moet die zo inrichten dat mensen ook gaan nadenken over veiligheid. “Als die omgeving heel prikkelarm is – je hoort niks over veiligheid, je ziet niks over veiligheid – dan is de kans kleiner dat de persoon veilig te werk gaat als hij of zij geen intrinsieke motivatie heeft.”

Het ultieme doel is dan ook dat de brillen en schermen standaard op een bouwplaats komen te liggen, zodat een training altijd makkelijk kan worden opgestart. Het moet van pilot naar standaardprocedure gaan. “Uiteindelijk willen we dat voordat je een hoogwerker bedient, je de training hebt gehad. Dat is de stip op de horizon.”

Nieuwe trainingen

Hoewel er pas over ongeveer een jaar duidelijk wordt hoeveel impact de trainingen echt hebben, gaat de ontwikkeling van nieuwe trainingen door. “Met één of twee zijn we al concreet bezig”, zegt Van Eck. “De eerste is een training over orde en netheid op de bouwplaats. Het vallen en struikelen is een van onze voornaamste oorzaken van ongevallen, dus daar willen we iets mee doen. We willen ook een concrete training die te maken heeft met de zaagloods. Dat is een hoog risicovolle omgeving in de bouwbranche.”

Daarnaast ziet Van Eck het ook wel zitten om een training te ontwikkelen op het gebied van houding en gedrag. “Hoe spreek je iemand aan? En hoe ga je met iemand om die bijvoorbeeld negatief in de wedstrijd zit en niet wil luisteren? Dat soort trainingen zou je met VR ook heel goed kunnen faciliteren.”

Geen silver bullet

Veelbelovend klinkt het wel die VR, en het kan het glazen plafond misschien wel een verdieping hoger leggen. Maar het is geen silver bullet, zegt Van Eck. “Die bestaat niet voor veiligheid. Het is een keten van activiteiten en factoren die bepalen of de man buiten veilig zijn werk kan doen. Die staat aan het eind van de rit. Veiligheid begint bij de opdrachtverstrekking, daarna je ontwerp, en daarna je werkvoorbereiding. Maar deze training gaat uiteindelijk echt over het gedrag van de medewerkers zelf.”

Over twee jaar hoopt het team de stip op de horizon te bereiken. En dan moet het ook breder beschikbaar zijn voor anderen in de branche. “We willen vooruitstrevend zijn als het gaat om veiligheid in de bouwbranche, maar dat brengt wel een verantwoordelijkheid mee richting de ketenpartners”, zegt Van Eck. “Wij besteden ook veel werk uit. We hebben voor ogen om de training ook aan te gaan bieden aan onze onderaannemers, zodat ook zij meegaan in die ontwikkeling. Wij kunnen het niet in ons eentje doen.”

Bron: Cobouw.nl