Met één bil in de beklaagdenbank

Risico’s zijn niet altijd zichtbaar, dat weten we. Denk aan asbest of radioactieve straling. Sommige risico’s zijn niet alleen onzichtbaar, ze zijn ook onzeker. Nanodeeltjes bijvoorbeeld, en TCP’s. Voor een werkgever vormen die een probleem: hoe blijf je op het juridisch rechte pad?

Het is gemakkelijk om het dilemma van de KLM mee te voelen. Een van haar piloten zat ziek thuis en zijn klachten waren erg vaag. Toch bleek hijzelf overtuigd van de oorzaak. Hij was het slachtoffer van het zenuwgas Tricresylfosfaat (TCP), dat vanuit de motoren de cockpit in wordt gezogen. Sommige mensen kunnen die stoffen niet snel genoeg afbreken en krijgen daardoor allerlei psychische en motorische klachten. 

Althans, dat blijkt uit sommige onderzoeken. Andere studies laten juist zien dat er niets aan de hand is. Niet verrassend: dat waren de onderzoeken waar de KLM mee schermde. Die TCP’s waren niet in de cockpit aanwezig en bovendien konden ze geen kwaad, stelde het concern. De loondoorbetaling werd dus gestaakt.

Onzekere risico’s
Onzekere risico’s. Ze vormen de specialisatie van Elbert de Jong, onderzoeker bij de Universiteit van Utrecht. Hij is geen toxicoloog, maar jurist. Dus is hij vooral geïnteresseerd hoe werkgevers juridisch gezien met dit soort onzekere risico’s moeten omgaan.

De vraag is relevant. Want die onzekere risico’s zie je niet alleen in cockpits, maar ook bij veelgebruikte toepassingen als nanodeeltjes. “Ook daarover bestaat geen wetenschappelijke consensus”, zegt De Jong. “Onderzoekers hebben proeven gedaan met een bepaalde vorm: koolstofnanobuisjes. Daaraan blootgestelde muizen ondervonden inderdaad negatieve effecten. Daar moet ik bij zeggen dat die stof werd geïnjecteerd, en dat gebeurt normaal natuurlijk niet.”

Aan de andere kant, die dierproeven zijn volgens De Jong niet de enige bron van zorg. “Wetenschappers hebben die koolstofnanobuisjes ook onderworpen aan een structuuranalyse. Daarbij zagen ze grote overeenkomsten met langvezelig asbest. Maar ook hier valt wel wat op af te dingen, want op andere punten waren er juist grote verschillen.”

Maatregelen
Grote onzekerheid dus. Maar dat ontslaat de werkgever niet van de plicht om maatregelen te nemen, vindt De Jong. “De werkgever moet op basis van plausibele vermoedens maatregelen nemen om zijn werknemers te beschermen tegen schade die later mogelijk optreedt. Vergelijk het met de situatie in de jaren 30 en 40 van de vorige eeuw. Toen waren er al aanwijzingen voor de risico’s rond asbest. Hier heeft de overheid te lang gewacht met het nemen van maatregelen.”

Beklaagdenbank

Je zit als werkgever dus met één bil in de beklaagdenbank. Daarom geeft De Jong drie adviezen:

  • Blijf op de hoogte van de laatste inzichten. “Hierbij kun je denken aan wetenschappelijke artikelen”, zegt De Jong, “maar ook aan rapporten van het RIVM. Die zijn voor een leek niet altijd gemakkelijk te lezen, maar je kunt eventueel te rade gaan bij je branchevereniging.”
  • Volg de aanbevelingen van de overheid. De Jong voegt daaraan toe: ook die van je branchevereniging. “Je bent als werkgever niet zomaar aan een aanbeveling van je branche gebonden. Maar in geval van onzekere risico’s kan zo’n advies wél juridische status krijgen.”
  • Voorkom of reduceer de blootstelling. “Natuurlijk”, zegt De Jong, “100% veiligheid bestaat niet, en de rechter zal niet van je verlangen dat je miljoenen investeert om een kans te reduceren van één op de miljoen. Maar werknemers die met nanodeeltjes werken, moet je voorzien van mondkappen of beschermende pakken.”

Wat nu als een bedrijf moeite heeft om dat te betalen? De Jong kan daar geen algemene uitspraak over doen. “In het algemeen zullen rechters zo’n argument niet snel honoreren. Geld is immers ondergeschikt aan de gezondheid van medewerkers. Aan de andere kant, diezelfde rechter zal eerder clement zijn voor een kleine werkgever dan voor een grote multinational. Voor die laatste ligt de lat veel hoger.”

KLM
Dat bleek ook in de zaak van de piloot van KLM. De rechter was het met de werkgever eens: de risico’s van TCP’s zijn nog niet sterk onderbouwd. Dat wil niet zeggen dat ze zomaar kunnen worden genegeerd. Daarom moest de luchtvaartmaatschappij de aanwezigheid van de deeltjes wel onderzoeken.

Bron: Arboonline.nl / Elbert de Jong