Brandveiligheid bestaande bouw niet geborgd

De afgelopen jaren zijn bij branden in woon- en zorggebouwen herhaaldelijk slachtoffers gevallen. Die incidenten zijn een wake-up call voor de brandveiligheidssector.

De brandveiligheid in bestaande bouw is nog onvoldoende geborgd. Gezamenlijke actie van gebouweigenaren en de overheid is dringend geboden om het brandveiligheidsniveau van de bestaande gebouwvoorraad op peil te brengen en te houden.

De kern van het probleem is dat de basis van het brandveiligheidsregime in Nederland nog teveel is gebaseerd op regelgericht denken. Maar enkel aan de regeltjes voldoen maakt een gebouw niet brandveilig. In het planstadium en vergunningtraject voor nieuwbouw weten we het allemaal wel. Dan worden plannen door de overheid kritisch getoetst aan het Bouwbesluit, kunnen de eisen niet streng genoeg zijn en zijn de intenties meer dan goed. Er is in de vergunningsfase vaak meer dan voldoende aandacht voor brandbeveiligingsinstallaties, bouwkundige maatregelen en organisatorische aspecten om restrisico’s op papier af te dekken.

Maar dat gaat over nieuwbouw. Het verkrijgen van vergunningen is hier vaak een drijfveer. Echter, 90 procent van de gebouwenvoorraad in Nederland is bestaande bouw. In de gebruiksfase weet na enige tijd bijna niemand meer welk doel de gerealiseerde brandveiligheidsvoorzieningen dienen en is de verantwoordelijkheid voor brandveiligheid veel diffuser. Wie is dan verantwoordelijk voor het brandveilig gebruik van het bouwwerk? De eigenaar? De beheerder? De gebruiker? Wie neemt initiatief voor periodieke controle om na te gaan of het brandveiligheidsniveau nog steeds aansluit op de gebruikerspopulatie en de wijze van gebruik van bestaande bouw? En wie houdt in de gebruiksfase toezicht op naleving van de wettelijke voorschriften?

Bestaande bouw
De brandveiligheidswereld is in transitie. Met name de veranderende rol van de overheid heeft grote consequenties voor de brandveiligheid in de samenleving. De overheid wil minder regelgeving, doet op steeds meer terreinen een stap terug en legt meer verantwoordelijkheid neer bij marktpartijen. Ook in relatie tot brandveiligheid wordt al gesproken over deregulering en er zijn pilots met zelf-audit door bedrijven en instellingen. In de praktijk blijkt meer dan eens dat de markt daar nog niet klaar voor is, omdat een solide basis voor brandveiligheid vaak ontbreekt.
Onderzoek naar het brandveiligheidsniveau van bestaande bouw in een veiligheidsregio leverde op dat slechts drie procent van die gebouwen voldoet aan de minimale eisen van het Bouwbesluit. Dat zijn alarmerende cijfers. Tijdens het onderzoek kwamen veel tekortkomingen aan het licht. Zoals ontbrekende vluchtwegtransparanten, onderbrekingen in de bouwkundige compartimentering en geblokkeerde nooduitgangen. De geconstateerde gebreken zijn terug te voeren op een gebrek aan kennis en risicobewustzijn bij gebouwbeheerders en –gebruikers en onduidelijkheid over wie nu precies verantwoordelijk is voor het bewaken van het brandveiligheidsniveau in de gebruiksfase. Ook aan een adequate noodorganisatie of –plan ontbreekt het vaak. Onder deze omstandigheden is het wachten op het volgende betreurenswaardige incident dat de headlines van het nieuws haalt.

Na de eerdere spraakmakende brandincidenten van de afgelopen vijftien jaar zou je verwachten dat partijen, gedreven door de gebleken urgentie, alles op alles zetten om Nederland brandveiliger te maken. Toch is vijftien jaar na Volendam de brandveiligheid in een groot deel van de bestaande bouw nog steeds niet op orde.

Denk in scenario’s!
Waar gaat het mis? Primair bij het gebrekkig vermogen van verantwoordelijke gebouwbeheerders om te denken in scenario’s. Het brandveiligheidsbeleid is traditioneel sterk regelgericht. Voor een bepaalde gebouwfunctie schrijft het Bouwbesluit risicoreducerende maatregelen voor en die worden simpel afgevinkt op een lijstje. Ook veel preventieadviseurs in de brandweersector zijn primair gericht op bouwkundige en installatietechnische oplossingen.
Om de brandveiligheid in een gebouw echt een solide basis te geven, moet veel meer aandacht worden besteed aan de ‘Organisatie’ van de BIO-matrix.
Voldoen aan minimumregels zoals de aanwezigheid van een brandmeldinstallatie of een extra vluchttrappenhuis, is niet voldoende als gebouwgebruikers niet weten hoe ze in een noodsituatie moeten handelen. Vaak wordt dit organisatorisch aspect schromelijk onderschat. Neem de casus van een kinderdagverblijf op de eerste etage van een verbouwd pand, waar twintig kinderen slapen. Een brandmeldinstallatie werd in het advies- en vergunningtraject niet voorgeschreven, omdat de instelling weg kwam met de continue aanwezigheid van één leidster als gelijkwaardige oplossing. Een recept voor een potentiële ramp, want is überhaupt nagedacht over hoe je twintig slapende kinderen in een noodsituatie snel en veilig beneden krijgt? Bij het handhaven van een afdoende brandveiligheidsniveau moet, zowel door de overheid als door de verantwoordelijke gebouwbeheerder, veel meer vanuit scenario’s en organisatie worden gedacht. Kunnen we daadwerkelijk instaan voor de veiligheid van de mensen die in ons gebouw wonen of verblijven? Dat vraagt meer dan het simpelweg afvinken van technische brandveiligheidsvoorschriften.

Gedragsverandering
Wat te doen om het tij te keren? Om te beginnen moet er een beter inzicht komen in de staat van de brandveiligheid in Nederland. De brandweer heeft nog onvoldoende totaalinzicht in de bestaande bouw en de tekortkomingen op brandveiligheidsgebied en stuit nog op teveel onaangename verrassingen. Met Big Data, het koppelen van gegevensbestanden van gemeenten en andere overheden, kunnen gebouwen en gebruiksfuncties waar het brandveiligheidsniveau onder de maat is, beter worden opgespoord. Zo kan een prioriteitenlijst worden gemaakt op basis van reële risico’s en scenario’s.

Vervolgens heeft het brandveiligheidsbewustzijn een nieuwe impuls nodig. Veiligheidsregio’s worden daar weliswaar actiever in, met programma’s voor ‘brandveilig leven’, rookmelderacties en doelgroepencampagnes, maar dat is nog maar een begin. Een nieuwe generatie brandveiligheidsadviseurs die denkt en werkt vanuit reële risico’s en scenario’s, moet actief aan de slag om gebouwbeheerders ervan te doordringen hun verantwoordelijkheid te nemen.

En waar herhaaldelijk gebrekkige brandveiligheid wordt geconstateerd moet strenger handhavend worden opgetreden en moeten ondernemers en gebouwbeheerders worden geprikkeld tot een gedragsverandering. Anno 2015 mogen ze niet meer wegkomen met uitspraken dat brandveiligheid voor hen geen ‘core business’ is en dat ze er geen verstand van hebben. Ook mogen zij niet gemakzuchtig de bal bij de brandweer neerleggen. Als men wel nadenkt over een aantrekkelijke inrichting van bijvoorbeeld een café of een jongerencentrum en over concepten om klanten te trekken, waarom denken ze dan niet na over het waarborgen van de brandveiligheid van hun gasten? Daar zit de crux van de problematiek; brandveiligheid is nog niet verweven in de haarvaten van de bedrijfsvoering en in het beleid van de onderneming. Terwijl de wet die verantwoordelijkheid daar wel heel nadrukkelijk neerlegt.

Als er eenmaal per regio inzicht is in de bestaande bouw en de staat van de brandveiligheid, kunnen overheid en bedrijfsleven via een gedifferentieerde aanpak werken aan het oplossen van knelpunten. Onderscheid bedrijven en instellingen waar het wel goed gaat van de zwakke schakels. Laat de koplopers hun brandveiligheid bewijzen via zelfregulering en zelf-audits. Waar nog grote tekortkomingen zijn en de regelgeving niet wordt nageleefd, moet consequent en streng worden gehandhaafd om de zaken op orde te brengen. Met controles door brandveiligheidsexperts die denken vanuit risico’s en scenario’s en niet vanuit afvinklijstjes en met stevige handhaving daar waar men nog steeds niet voldoet. Brandveiligheid is nog teveel een papieren werkelijkheid. Een omslag naar risicodenken brandveiligheid is een eerste stap naar een nieuw fundament voor een brandveilige samenleving.

Dit artikel verscheen in Brandveilig 01/ 2015 en is geschreven door Hans van Waes en Johan Jansen, partners bij Briks Advies|Loopbaan|Academy

Bron: Brandveilig.com