Voorlichting versus onderricht in de praktijk

Wat is het verschil?

Een belangrijke pijler van het Arbobeleid is voorlichting en onderricht. Het sleutelwoord daarbij is ‘doeltreffend’. Maar wat is eigenlijk het verschil tussen ‘voorlichting’ en ‘onderricht’? Wanneer is het doeltreffend? En hoe geef je hier in de praktijk invulling aan?

Aan het uitvoeren van werkzaamheden kleven veiligheids- en gezondheidsrisico’s. Het is belangrijk deze te beheersen. Volgens de Arbowet moet de werkgever daarom zorgen voor een veilige en gezonde werkplek door deze risico’s te inventariseren en te evalueren (RI&E). Vervolgens worden maatregelen getroffen om de risico’s tot een acceptabel niveau terug te brengen. Daarna is het logisch dat een werknemer van deze risico’s en beheersmaatregelen op de hoogte wordt gesteld. Vandaar dat op grond van artikel 8 van de Arbowet het geven van doeltreffende voorlichting en onderricht aan de werknemers verplicht is. Het sleutelwoord daarbij is: ‘doeltreffend’.

Geen synoniemen Opvallend vaak worden de woorden ‘voorlichting’ en ‘onder[1]richt’ als synoniemen beschouwd. Alsof de wetgever met het toevoegen van het woord ‘onderricht’ het onderwerp ‘voorlichting’ zou willen bekrachtigen. Op z’n minst is bij velen onduidelijk wat het verschil tussen ‘voorlichting’ en ‘onderricht’ is. Eigenlijk is het vrij eenvoudig. Voorlichting heeft betrekking op het overdragen van kennis. Onderricht is bedoeld om vaardigheden aan te leren. Vandaar dat de wetgever het in lid 1 van artikel 8 heeft over doeltreffend inlichten. Het gaat hier dus om het geven van voorlichting aan de werknemers.

Lees het hele artikel geschreven door Ronald Meijer, docent AH, HVK, MVK bij Copla Opleiding-Training-Consultants-Coaching voor het Vakblad Arbo.

Gevaarlijke stoffen! Wie adviseert over de risico’s?

Zomaar een recent nieuwsbericht: “In het Rotterdamse havengebied Europoort is vannacht waterstoffluoride vrijgekomen. Twee medewerkers raakten gewond.” Het gaat hier duidelijk om een ongeval met gevaarlijke stoffen. Uiteraard behoort een veiligheidskundige te kunnen adviseren hoe deze ongevallen in de toekomst kunnen worden voorkomen. De vraag is of dat ook het geval is.

Wie adviseert over de risico’s? Gevaarlijke stoffen!

Er worden ongeveer 50.000 stoffen gebruikt in de industrie, de landbouw, de geneeskunde en het huishouden. Veel van deze chemische stoffen hebben naast hun nuttige toepassing ook nare eigenschappen als brandbaarheid en giftigheid. Om meer te weten te komen over de gezondheidsrisico’s van stoffen in de werksituatie zijn twee takken van wetenschap belangrijk: toxicologie en arbeidshygiëne.

Toxicologie houdt zich bezig met het bestuderen en vaststellen van de giftigheid van chemische stoffen. Het doel is de schadelijke werking van een chemische stof te achterhalen.

Arbeidshygiëne houdt zich bezig met het in kaart brengen van gezondheidsbedreigende situaties op de werkplek. Het doel daarvan is het beoordelen van situaties en het voorstellen van maatregelen als dat nodig blijkt te zijn. Eén van de mogelijk belastende factoren op de werkplek is de blootstelling aan gevaarlijke stoffen.

Scheve verhoudingen

Bij de productie, het transport, de verwerking en het gebruik van gevaarlijke stoffen kunnen dus veiligheids- en gezondheidsrisico’s ontstaan. Het lijkt simpel: de veiligheidskundige houdt zich bezig met de veiligheidsrisico’s en de arbeidshygiënist met de gezondheidsrisico’s. Maar zo eenvoudig is het helaas niet. Er zijn minstens acht keer zoveel veiligheidskundigen als arbeidshygiënisten. Dit is een ruwe schatting gebaseerd op de ledentallen van de beroepsverenigingen. Waarschijnlijk ligt de verhouding nog schever. Dit betekent dat de veiligheidskundige veel vaker als arbo-adviseur in een organisatie werkt dan de arbeidshygiënist. Er zal op die veiligheidskundige uiteraard een beroep worden gedaan bij de toepassing van gevaarlijke stoffen. Hij of zij zal ook kennis moet hebben omtrent het beheersen van de gezondheidsrisico’s van gevaarlijke stoffen. Om die reden is dit een vast onderdeel in de veiligheidskundige opleidingen. Voor de meeste studenten is het echter niet het meest populaire onderdeel is. Men vindt het over het algemeen lastige materie.

Eigenlijk is er een merkwaardige disbalans tussen de aandacht voor veiligheid en de gevolgen van de gezondheidsrisico’s in termen van letaliteit, verlies aan gezonde levensjaren, beroepsziekten en verzuim. Alleen al het aantal dodelijke slachtoffers van arbeidsongevallen versus het aantal doden door de beroepsmatige blootstelling aan gevaarlijke stoffen spreekt voor zich. Die verhouding is namelijk ongeveer één op vijftig. Des te vreemder dat de veiligheidskundigen in spé zich er niet veel mee bezig houden.

Lees het hele artikel geschreven door Ronald Meijer, docent AH, HVK, MVK bij Copla Opleiding-Training-Consultants-Coaching voor het Vakblad Arbo.

Week van de RIE 2021 – Copla

Week van de RI&E 2021: precies wat je nodig hebt

Het belang van een goede gezondheid van werknemers is door de corona-crisis bij eenieder op het netvlies komen te staan. De risico-inventarisatie en -evaluatie (RI&E) is, ook voor kleine bedrijven, bij uitstek geschikt om de gezondheids- en veiligheidsrisico’s in kaart te brengen en maatregelen te nemen. Het Steunpunt RI&E organiseert van 21 tot en met 25 juni voor de 7e keer de Week van de RI&E.

Week van de RIE - 21 tot 25 juni 2021Arbodienstverleners, brancheorganisaties en opleiders organiseren tijdens de Week van de RI&E acties om werkgevers te stimuleren aan de slag te gaan met de RI&E. De week wordt ondersteund door een campagne van het Ministerie van SZW.

Toekomstbestendige maatregelen voor een gezonde (thuis)werkplek

Het werk is voor veel bedrijven drastisch veranderd. Naast maatregelen om werknemers veilig naar het werk te laten komen, zijn er ook nieuwe vraagstukken als het gaat om de gezondheid van werknemers die thuiswerken. Uit verschillende onderzoeken blijkt dat het thuiswerken een definitiever karakter lijkt te krijgen en virologen waarschuwen dat deze virusuitbraak niet de laatste zal zijn. Na een periode waarin adhoc oplossingen zijn gezocht, is het tijd om maatregelen te nemen die toekomstbestendig zijn. Corona is dan ook een verplicht onderdeel geworden in de RI&E en ook thuiswerken heeft aandacht nodig in de RI&E, indien dat van toepassing is.

Activiteitenoverzicht

Op de website www.weekvanderie.nl is het activiteitenoverzicht beschikbaar, dat in de komende weken wordt gevuld. Intermediairs kunnen zich gratis aanmelden met hun activiteiten.

Copla is overgenomen door de Kader Groep

KADER GROEP GROEIT DOOR OVERNAME COPLA 

Sinds maart 2021 is Copla Opleiding – Training – Consultants – Coaching onderdeel van Kader Groep. Deze overname past in de groeiambitie van Kader Groep en verstevigt de marktpositie van beide partijen. Copla adviseert, ondersteunt en doceert ruim 30 jaar op de gebieden arbeidsveiligheid en brandveiligheid, met als doel het werk in de praktijk ook echt veiliger te maken.

Nanko van Dijk, CEO van Kader Groep: “We zijn erg blij met deze uitbreiding, we versterken elkaar op meerdere gebieden: Copla kent een ander aanbod veiligheidskundige opleidingen en voegt daarnaast specialistische kennis toe in arbeidshygiëne, met o.a. de nieuwe opleiding tot Arbeidshygiënist, en brandveiligheid. Eén van onze doelen is het full-service bedienen van onze opdrachtgevers, daar draagt deze overname aan bij. We zien de toekomst met vertrouwen tegemoet!”

Ronald Meijer, Copla: “De Kader Groep-Copla combinatie zorgt dat we een sterkere samenwerkingspartner voor onze gezamenlijke opdrachtgevers zijn. Dit levert voor alle betrokkenen voordeel op, ik ben tevreden dat de mensen én diensten van Copla deel uit kunnen maken van Kader Groep”.

Over Kader Groep

Gestart in 1994 met 2 oprichters, is Kader Groep anno 2021 een organisatie met ruim 200 medewerkers. Kader Groep helpt organisatiedoelstellingen te realiseren op het gebied van kwaliteit, veiligheid en arbo, milieu en MVO en informatiebeveiliging. Dat doen wij door advies, begeleiding, opleidingen, interim- en software oplossingen. In de afgelopen jaren sloten ook AAB Training & Opleiding, D&F en Smile Software zich aan bij de Kader Groep.

Bron: De Kader Groep

‘We zijn met te weinig én we meten te weinig’

Waar de arbeidshygiënist tekortschiet

Op menige werkvloer zijn risico’s te vinden die in Nederland al lang onder controle hadden moeten zijn. Werknemers worden blootgesteld aan lastig op te sporen stoffen of fysische verschijnselen die hun gezondheid schaden. Terwijl ‘het grote milieu’ mensen uit de slaap houdt, nemen we van het micromilieu op ons eigen werk heel gemakkelijk aan dat het in orde is. Op grond waarvan doen we dat? Niet op grond van de cijfers, want het aantal beroepsziekten is vele malen hoger dan bijvoorbeeld het aantal verkeersslachtoffers. Mede vanwege een ernstig tekort aan arbeidshygiënisten wordt er te weinig daadwerkelijk onderzocht en gemeten. In plaats daarvan vertrouwen we op een beperkte RI&E en op de modellen, berekeningen en algemene inzichten van professionals. En te vaak zijn daar geen arbeidshygiënisten bij.

De arbeidshygiënist (AH) bekommert zich om de invloeden waaraan de werkende mens wordt blootgesteld. Die nuttige functionaris zou in staat moeten zijn zich een oordeel te vormen over de veiligheid en gezondheid van een werkplek. Zou. Want doorgaans wordt er bij het maken van bijvoorbeeld een RI&E geen AH ingeschakeld. Die raakt – in een gunstig geval – pas betrokken als een andere arbofunctionaris een (complex) ‘arbeidshygiënisch’ risico vermoedt of als er al klachten en gezondheidsschade optreden. Dat doet de arbeidshygiënist tekort.

Niet suf, niet stoffig

Een van de knelpunten is de beschikbaarheid van arbeidshygiënisten. Er zijn er veel te weinig om heel werkend Nederland preventief te kunnen ondersteunen. Aan de functie van de AH kleeft bovendien het misplaatse vooroordeel ‘suf, stoffig en onderbetaald’. Jan Kegelaer, bestuurslid van de Nederlandse Vereniging voor Arbeidshygiëne (NVvA), betreurt dat maar steekt ook de hand in eigen boezem: ‘Wij worstelen met dat onterechte beeld, maar tegelijk hebben we het laten ontstaan. Als ik op een feestje vertel dat ik arbeidshygiënist ben dan moet ik meteen uitleggen dat ik niet in de schoonmaakbranche werk. Dat is jammer, want het is echt een fantastisch afwisselend vak dat heel veel mogelijkheden tot specialisatie biedt. En je kunt er prima je brood in verdienen. Je hebt bijna honderd procent baangarantie.’

Kan de NVvA niets doen aan het foute beeld?

Kegelaer: ‘De media zitten niet te wachten op genuanceerde beschouwingen, zo weet ik uit ervaring. Ze willen sensatieverhalen over chroom-6 of PFAS. Wij schreeuwen niet van de daken dat er bij bedrijven misstanden zijn maar doen er alles aan om problemen op te lossen. Met de beheersing van risico’s hebben we genoeg te doen op de werkvloeren.’ (Glimlachend:) ‘Misschien zijn wij arbeidshygiënisten wel iets te bescheiden.’

Blijft er veel werk liggen?

Kegelaer: ‘Mijn specialisme is gevaarlijke stoffen en daar gaat zo’n tachtig procent van de aandacht naar uit, ook al is dat niet helemaal terecht. Bij de industriereuzen en bij BRZO-bedrijven krijgen de grote risico’s vaak wel aandacht, maar in het MKB hangt het fruit laag. Als je alleen de bezem in een bakkerij zou kunnen vervangen door een stofzuiger en de machinebankwerker een alternatief geeft voor zijn persluchtspuit dan kun je de blootstelling aan fijnstof vele malen lager maken, zeg ik met dank aan Tineke Rens, arbeidshygiënist bij de bakkersbranchevereniging. In gedragsverandering zit nog steeds veel winst. Ook lawaai, trillingen en klimaat behoren tot ons vakgebied. Onze bezigheden en de onderwerpen variëren van heel elementair tot zeer wetenschappelijk, maar ze zijn allemaal nuttig. Zelfs repetitieve blootstellingsmetingen blijven boeiend: je komt daardoor op de werkvloer en werkt met en bij de mensen die belang hebben bij jouw inspanningen.’

Hoe denkt u over de opleiding tot arbeidshygiënist?

Kegelaer: ‘Het is jammer dat de universitaire opleidingen in ons vak zijn verdwenen. Gelukkig zijn er nog post-hbo-opleidingen en wordt er gewerkt aan middelbare opleidingen tot AH, die het vak toegankelijker moeten maken. Bij de inhoud van het curriculum is ook de NVvA betrokken, in het kader van de wettelijke certificering. Het ministerie van SZW heeft zich na lang wikken en wegen teruggetrokken op de wettelijke eisen aan de arbo-kerndeskundigen. De scope is daardoor smal: je moet een RI&E kunnen toetsen en erover adviseren. Maar ons vak behelst veel meer en ik ben er persoonlijk enthousiast over als je opleiding dat meegeeft. Maar het blijft zo dat je wordt afgeleverd met je theoretische bagage en daarna zelf kilometers moet maken. Dat geldt denk ik voor iedere vakopleiding.’

De laboratoriumdienstverlener over de arbeidshygiënist

Marco Hetjes van SGS, specialist in milieu- en arbogerelateerde technische controles en laboratoriumanalyses, komt regelmatig in aanraking met arbeidshygiënisten, bijvoorbeeld omdat ze zijn technische aanspreekpunt zijn bij de klant. Hetjes: ‘Het uitvoeren van metingen is vaak niet hun ‘kerncompetentie’, ook al zouden ze zelf best wat meer onderzoek willen doen. Zelf meten brengt je namelijk op de werkvloer en dat vinden de meeste arbeidshygiënisten uiteindelijk leuker dan achter hun computer zitten.’

Meten arbeidshygiënisten te weinig?

Hetjes: ‘Bij onze klanten werken zeker AH’s die zelf bepaalde blootstellingsmetingen doen, bijvoorbeeld aan vluchtige verbindingen in de omgevingslucht op de werkvloer. Er komt nog wel eens een adsorptiebuis binnen waarbij uit de veldwerkformulieren blijkt dat er een verkeerde flow is gebruikt. Soms zó hoog dat de componenten geen mogelijkheid hadden volledig te adsorberen aan de actieve kool. In een dergelijk geval nemen wij contact op met de klant voor overleg over de resultaten en over de duiding. Ik denk dat je dit kunt voorkomen door het uitvoeren van metingen een prominentere plaats te geven bij de opleidingen. Het is een te wezenlijk onderdeel van het vak om helemaal op ‘learning on the job’ te vertrouwen.’

Kan het beter gereguleerd worden?

Hetjes: ‘Ja, vooral als je het vergelijkt met de uitvoering van milieuhygiënisch bodemonderzoek. Daarbij mag je nog geen schop in de grond steken zonder dat je allerlei certificaten hebt. En de analyses zijn voorbehouden aan speciaal hiervoor geaccrediteerde laboratoria (SIKB, resp. AS 3000, red). Die regulering contrasteert nogal met het gemiddelde onderzoek in het kader van blootstelling. Om arbo-onderzoek voor een klant uit te voeren hoef je formeel nergens aan te voldoen en elk laboratorium mag analyses doen. Gezien het belang van een schone werkomgeving is dat heel raar.’

Wat geeft u het idee dat er te ‘gemakkelijk’ wordt omgegaan met arbeidshygiënische data?

Hetjes: ‘Bij milieutechnische metingen en analyses krijg ik regelmatig detailvragen; rapporten worden tot achter de komma nageplozen. Bij metingen op de werkvloer gebeurt dat bijna nooit. Misschien komt dat door de beperktere handhaving, misschien ook gewoon doordat er te weinig arbeidshygiënisten zijn, waardoor er veel blijft liggen. In elk geval ligt het niet aan de risico’s, want fijnstof, chroom-6, PFAS, DME en oplosmiddelen zijn allemaal onderwerpen die ook op de werkvloer spelen. Er is absoluut genoeg te doen voor de arbeidshygiënist.’

Zijn AH-diensten voor u dan niet het gat in de markt?

Hetjes: ‘Ook wij hebben te maken met schaarste en een relatief grote vraag. Ik heb een collega die nét is opgeleid tot arbeidshygiënist en alleen nog zijn praktijkopdracht moet doen. Daar heeft hij nú al nauwelijks tijd meer voor, zó druk heeft hij het. Dus waar je je voldoening ook uit haalt, als arbeidshygiënist zit je niet snel zonder werk.’

Verwacht u ontwikkelingen in de arbeidshygiëne?

Hetjes: ‘Ik verwacht professionalisering. Er komen nieuwe aanbieders voor opleidingen maar ook dienstverleners in de analyse. Dat is gezond. Verder denk ik dat de handhaving zal worden aangescherpt, zoals we op milieugebied al hebben zien gebeuren. Dat is niet voor niets. Technologie en industrie groeien nog steeds, net als de risico’s voor de werkende mens. De arbeidshygiënist is harder nodig dan ooit.’

De leverancier van meetinstrumenten

Het Nederlandse bedrijf BaSystemen verkoopt en verhuurt meetinstrumenten voor arbo, milieu en veiligheid en is trouwe sponsor van het jaarlijkse symposium van de Nederlandse Vereniging voor Arbeidshygiëne (NVvA). Khoa Nguyen, adjunct-directeur: ‘Arbeidshygiënisten hebben als taak om beleid omtrent veilig en gezond werken vorm te geven. Maar het is juist het praktische meetwerk dat het vak zo leuk maakt; het brengt je naar buiten. Wat ze in Angelsaksische landen Industrial Hygiene* noemen gebeurt echt op de werkvloer. In bijvoorbeeld de VS of het VK neemt het meten een veel prominentere plaats in dan hier.’

Aan wie leveren jullie dan meetapparaten?

Nguyen: ‘Aan onder andere arbodienstverleners en grote organisaties. Daar zijn arbeidshygiënisten bij, maar het valt ons op dat die soms afwegen hun meetwerk uit te besteden. Dat kan een kwestie zijn van prioriteiten of gewoon tijdgebrek; ik weet het niet. Geluid, licht, trillingen, stof en gassen kun je prima zelf meten, mits je weet hoe dat moet. Er bestaan allerlei zeer doordachte tools en simulatiesoftware, maar dat blijven modellen die geen uitsluitsel geven over de feitelijke situatie. En als er ergens ruimte is voor twijfel, zeg ik als nuchtere Groninger: ga eens meten.’

Wat verwacht u van een arbeidshygiënist?

Nguyen: ‘De arbeidshygiënist van de toekomst is nog completer dan hij nu al is. Het is een eervol beroep waar absoluut toekomst in zit, maar ik denk dat de AH iets vaker de fabriek in zou moeten gaan. Er is niets tegen om je te laten ondersteunen door een externe dienstverlener en modellen  kunnen heel behulpzaam zijn, maar pas op dat je niet op te grote afstand van de werkvloer komt te staan. Ik hoop dat AH’s zich blijven realiseren hoeveel ze bijdragen aan het welzijn en de gezondheid van mensen. Meten is daarbij geen doel an sich; het is een middel om feiten boven water te krijgen. Je loopt niet ‘toevallig’ tegen een risico aan. Als professional word je geacht het beter te weten; mensen vertrouwen op je en je rol is zelfs in de wet geborgd. Dan moet je zorgen voor validiteit en betrouwbaarheid van je uitspraken. Wat mij betreft hoort daarbij dat je een luchtmonsternamepomp kunt kalibreren en dat je een geluidsmeter goed instelt.’

Nieuwe opleiding arbeidshygiëne

De stemmen van Kegelaer, Hetjes en Nguyen worden ook gehoord door Ronald Meijer, directeur van Copla, opleider van veiligheidskundigen (VK’s) en – sinds kort – van arbeidshygiënisten. Meijer speelt al zeker acht jaar met de gedachte om de opleiding tot arbeidshygiënist in het aanbod van Copla op te nemen, uiteraard binnen de geldende eisen, bewaakt door Hobéon SKO. Inmiddels zijn de afspraken gemaakt, het curriculum is vastgesteld, het lesmateriaal klaar en de docenten staan in de startblokken. Meijer: ‘Het vakgebied arbeidshygiëne is geen schemerig specialisme binnen de veiligheidskunde. Het heeft enige overlap, maar de AH zit misschien nog wel dichter op de mens dan de VK en er komt toch ook veel exact denkwerk bij kijken. Je kunt de AH de exacte wetenschapper onder de arbodeskundigen noemen. Hij is bezig met de mogelijk schadelijke blootstelling van mensen aan geluid, licht, trillingen, fysieke belasting en gevaarlijke stoffen. Dat is dynamisch en afwisselend en het brengt nuttig ‘veldwerk’ met zich mee. Als je niet achter je computer vandaan komt heb je dat aan jezelf te wijten, niet aan de beperkingen van het vak.’

Waarom start Copla in deze lastige tijd met een nieuwe opleiding?

Meijer: ‘Niet zomaar een opleiding, maar een modulaire opleiding tot arbeidshygiënist. Omdat de vraag het aanbod overtreft en omdat ik denk dat er behoefte is aan diversiteit, aan keuze tussen verschillende opleiders. Ondanks Covid-19 is het geen online of blended training geworden. We werken ouderwets klassikaal, gewoon omdat dat de beste manier is om vaardigheden onder de knie te krijgen. Zoals de omgang met meetapparatuur, wat bij ons behoorlijk stevig in het lesprogramma zit.’

Bovenop het voorgeschreven curriculum? Hoe moet dat voor cursisten die geen wis- en natuurkunde in hun pakket hadden?

Meijer: ‘We hebben onze instroomeisen, ook al zijn die niet spijkerhard. Het eindniveau is dat wel. Aan degenen bij wie die kennis is weggezakt bieden we opfriscursussen. Die zijn ook populair bij de IVK’ers die bij ons hogere veiligheidskunde volgen. Door de modulaire opbouw kun je bij ons ook zonder overlappingen AH worden als je al HVK hebt gedaan.’

Wanneer mag ik starten?

Meijer: ‘Op 26 mei aanstaande.’

* Definitie OSHA: Industrial hygiene is the science of anticipating, recognizing, evaluating, and controlling workplace conditions that may cause workers’ injury or illness. Industrial hygienists use environmental monitoring and analytical methods to detect the extent of worker exposure and employ engineering, work practice controls, and other methods to control potential health hazards.

Bronnen: www.arbeidshygiene.nl, www.sgs.com, www.basystemen.nl, Arboonline.nl en www.copla.nl

NVVK – Congres ‘Veiligheid is (g)een spelletje’

Een beroemde Nederlandse dichter schreef ‘de wereld is een schouwtoneel, elk speelt zijn rol en krijgt zijn deel’. Allemaal mooi en aardig, maar hoe zit het dan met veiligheid? Is veiligheid ook een spel, of juist helemaal niet? En zo ja, wie zijn dan de hoofdrolspelers? Wie bepaalt de regels van het spel? En wie zijn de spelbrekers? Of is veiligheid geen spelletje? Hoe serieus moeten veiligheidskundigen veiligheid eigenlijk nog nemen?

Tijdens dit NVVK-congres gaan wij spelen met deze vragen rond veiligheid en veiligheidskundigen. Het zijn bijzondere tijden en daarom gaat het NVVK-congres ditmaal online. Wat betekent deze tijd, van pandemie en intelligente lockdowns, voor onze veiligheid? En voor veiligheidskundigen? Moeten wij een ander spel gaan spelen? Andere spelregels? Wat kunnen wij leren in deze tijd? Kan het anders? Moet het anders?

Onder leiding van Karlijn Meinders, wetenschapsredacteur & presentator van De Techniektour bij BNR Nieuwsradio gaan wij op zoek naar de antwoorden. Soms op speelse, soms op serieuze wijze.

Benieuwd naar de inhoud van de workshops? Bekijk het programma op de website van de NVVK.

Datum en tijdstip: donderdag 18 maart 2021 – 13:30 – 17:00

Adres: Online

Programma 18-03-2021 (website NVVK)

Deelname aan het congres is uitsluitend voorbehouden aan NVVK leden. Deelname is gratis.

 

Sluiting kerstperiode 21 december 2020 t/m 1 januari 2021

Sluiting kerstperiode 21 december 2020 t/m 1 januari 2021

Vanwege de kerst periode is ons kantoor gesloten van maandag 21 december 2020 tot en met vrijdag 1 januari 2021.
Vanaf maandag 4 januari 2021 staan we graag weer voor u klaar.

Tijdens deze periode zijn wij per email (beperkt) bereikbaar.

Wij wensen iedereen hele fijne kerstdagen en een gelukkig 2021 met veel gezondheid, geluk en succes, zowel privé als zakelijk.

 

 

 

 

 

 

Copla Opleiding – Training – Consultants – Coaching wenst u prettige kerstdagen en een voorspoedig, veilig en gezond 2021.

Het jaarcongres Industriële Veiligheid 2021

Wij staan er weer dit jaar.

IN ÉÉN DAG VOLLEDIG GEÏNFORMEERD OVER DE LAATSTE ONTWIKKELINGEN OP HET GEBIED VAN VEILIGHEID BINNEN DE INDUSTRIE.

NIEUW: Industriële Veiligheid bestaat nu uit een congresdag en een 30 daags online event!

 

Congresdag: 28 januari | Congrescentrum 1931 ‘s-Hertogenbosch
Online event: 29 januari – 29 februari

THEMA: VEILIGHEID IN CRISISTIJD

Veiligheid (en daarmee ook onveiligheid) is vrijwel nooit op zichzelf staand en is slechts in uitzonderlijke gevallen het gevolg van uitsluitend toeval. Doorgaans ligt er een root cause aan ten grondslag. Deze grondoorzaak is niet altijd 1-2-3 te achterhalen en ligt vaak vele stappen voor het (bijna) incident. Een ding is zeker; er is bij zowel veiligheid als bij onveiligheid altijd sprake van samenhang van meerdere events. Deze aaneenschakeling van gebeurtenissen of beslissingen kunnen legio zijn; er is onvoldoende vakkennis, het ontbreekt aan integriteit, systemen, structuren en processen zijn niet eenduidig of er is sprake van belangenverstrengeling en zijn opdrachten tegenstrijdig. Alles verhoudt zich tot elkaar waarbij zelfs het kleinste – ogenschijnlijk verwaarloosbare – onderdeel een functie heeft in het systeem. Dit maakt iets veilig of juist niet!

Ongewenst en onbedoeld hebben we op dit moment allemaal te maken met de Corona-crisis. Of dit nu komt door het virus zelf, door de genomen overheidsmaatregelen, door wat onze werkgever ons voorschrijft of door de maatregelen die wij onszelf (menen te moeten) opleggen. Deze crisis heeft, net als eerdere of toekomstige crises, invloed op ons denken, doen en laten.

In het uitgebreide lezingenprogramma van het jaarcongres Industriële Veiligheid 2021 gaan we kijken naar veiligheid in crisistijd. Wat betekent een crisis voor de directe veiligheid of voor te nemen beslissingen die van invloed zijn op (toekomstige) veiligheid. Is er een ernstige bedreiging van de basisstructuren? Hoe ga je als organisatie hier mee om en hoe moet je je gedragen? Zie je enkel bedreigingen of dienen zich ook kansen aan?

MELD U DIRECT AAN

Bekijk hier het programma

Kosteloos deelnemen? Wees er op tijd bij! (Het vorige congres was vroegtijdig uitverkocht)

Als relatie van Copla nodigen wij u graag uit voor dit congres. Hiervoor mogen wij gratis toegangskaarten aanbieden mits u voldoet aan de inschrijfvoorwaarden. Klik hier voor deze voorwaarden van gratis deelname als eindgebruiker. De reguliere prijs voor dit congres is € 645,=, of als eindgebruiker met SKO punt € 49,95,=.

Om u als relatie van Copla gratis aan te melden voor dit congres hebben wij een relatiecode.  Neem voor informatie contact met ons op via info@copla.nl.

Bezoek onze stand

Wilt u meer weten over onze veiligheidskundige opleidingen HVK, MVK, OVK, DE Veiligheidscoach opleiding, coaching en consultants activiteiten, branddetectie opleidingen of over onze andere gerelateerde activiteiten op het gebied van (Industriële) veiligheid, bezoek dan onze stand. U kunt ons vinden op de beursvloer. Wij zien er naar uit u daar te ontmoeten!

Het juiste leerklimaat

Hoe leer je ander gedrag aan?

Hoe creëer je als veiligheidskundige een leerklimaat waardoor medewerkers nieuw gedrag durven in te zetten? Iemand wijzen op fouten, helpt in ieder geval niet, zo heeft Bandura ontdekt. Maar wat helpt wel?

tekst Rick van der Heide

Om ander gewenst gedrag te kunnen vertonen is een leerklimaat nodig waarbij medewerkers niet in het zwarte gat van Bandura terechtkomen (zie tekening). Bandura (Bandura, A., 1977, Social Learning Theory) heeft ontdekt dat er een afvlakking van de leercurve is en zelfs eventueel een verval naar het oude gedrag, wanneer het leerklimaat gericht is op het wijzen op fouten en het blijven aanmoedigen (leerklimaat 1). In het begin van het leerproces is er een opgaande curve en is er vertrouwen om te leren, doordat de geleverde prestatie in lijn is met de verwachting. Het afvlakken van de leercurve ontstaat doordat de verwachtingen achterlopen met de prestatie, wat veroorzaakt wordt door de grenzen van de huidige competenties. Het delegeren van werk lukt je pas als je erachter komt waarom die competentie inzetten je nog niet gelukt is.

Vier stijlen van leidinggeven

De wetenschappers Hersey en Blanchard onderscheiden vier stijlen van leidinggeven: instrueren, overtuigen, overleggen en delegeren. Het kan zijn dat iemand jarenlang goed leiding heeft gegeven door steeds taakgericht te sturen, door te instrueren en te overtuigen. Maar als hij of zij er dan achterkomt dat het veiligheidsgedrag op de werkvloer niet verbetert, omdat medewerkers uiteenlopende meningen daarover hebben, dan is het tijd om een andere stijl in te zetten. Bijvoorbeeld delegeren: de verantwoordelijkheid neerleggen waar die hoort. Maar omdat hij daar de afgelopen jaren geen competenties voor heeft ontwikkeld en niet heeft ervaren wat delegeren hem op kan leveren, heeft hij een juist leerklimaat nodig om dit wel te kunnen laten zien. Omdat hij in zijn leercurve tegen zijn eigen grenzen en zijn eigen vermogens aanloopt, helpt aanmoedigen niet meer. In mijn coachpraktijk komt het veelvuldig voor dat een leidinggevende zich maar richt op twee van de in totaal vier stijlen van leidinggeven. Met instrueren en overtuigen kom je als leidinggevende een heel eind. Maar als medewerkers het onveilig gedrag (blijven) vertonen dat ze toch niet de machines energieloos stellen voor aanvang van de schoonmaakwerkzaamheden, helpen deze stijlen van leidinggeven niet meer. Dan helpt het aanmoedigen van deze leidinggevende om te delegeren niet om hem wél te laten delegeren. Vraag hem dan naar zijn belemmerende overtuigingen. Door daar naar te vragen laat je hem zelf ontdekken wat nodig is om wél te durven delegeren.

Lees hier het hele artikel (pdf) geschreven door Rick van der Heide, coach, hoger veiligheidskundige van Copla Opleiding-Training-Consultants-Coaching voor het Vakblad Arbo.

National Safety at Work Event (NSWE) 27 oktober 2020

Veiligheid en gezondheid op het werk… Het onderwerp verdient altijd de aandacht, maar is nu actueler dan ooit. Naast alle bestaande risico’s op de werkvloer zorgt COVID-19 ineens voor hele nieuwe uitdagingen. Daarom is het fijn dat Intersafe – de Europese leverancier van producten en diensten voor veiligheid op de werkvloer – een nieuwe datum heeft gevonden voor haar National Safety at Work Event (NSWE). Op dinsdag 27 oktober 2020 zijn bezoekers alsnog welkom voor hun ‘reis naar veiligheid’.

Bezoek ons op het Intersafeplein tijdens het National Safety at Work Event dinsdag 27 oktober 2020 in de Van Nelle Fabriek Rotterdam.

Registreer nu

Your Journey to Safety – Ga je mee op reis? Zien we je daar?

Your Journey to Safety
‘Er zijn vele wegen die naar Rome leiden.’ Volgens de Dikke Van Dale betekent dit spreekwoord: er zijn veel manieren om je doel te bereiken. En dat is op het National Safety at Work Event (NSWE) 2020 niet anders. Natuurlijk streven we allemaal naar hetzelfde doel: veiligheid en gezondheid op het werk. Maar hoe we dat doen en welke weg we daarvoor nemen, hangt sterk af van bijvoorbeeld onze achtergrond, functie en persoonlijke interesses. Om je alvast op weg te helpen en ervoor te zorgen dat je niets mist, introduceert Intersafe op het NSWE vier routes.

Zorg dat jij je inschrijft voor het programma, zodat je zeker bent van jouw plek tijdens Your Journey to Safety. 

Tijdens de lunchsessie bespreekt Rick van der Heide – Copla Opleiding-Training-Consultants-Coaching het onderwerp ‘HOE GOED KEN JIJ JE PBM-CODERINGEN?’.

Voor de NSWE verzorgt Rick een kennisquiz om waarbij jij je kennis over de cijfers en letters coderingen die op op PBM’s staan vermeld kunt testen. Want weet jij waarom er een R of NR op de een adembeschermingsmiddel staat en of je daardoor wel of geen betere keuze kunt maken? Of de (D) die er ook op kan staan. En kun je een mechanisch beschermende handschoen waar de cijfers 2331, hoe goed die je hand beschermd als stratenmaker? En of je weet welke laskleding je moet kiezen, is dat klasse 1 of 2 voor bijvoorbeeld TIG-lassen?

Test je kennis en anders verrijk je kennis bij Copla.

RICK VAN DER HEIDE

Hogere Veiligheidskundige, PBM specialist en coach bij Copla Opleiding – Training – Consultants – Coaching.  

WAAROM NAAR DIT EVENEMENT

Het programma van het NSWE bestaat de komende editie weer uit 3 elementen:

  1. Een congres met top-sprekers op het gebied van inkoop en veilig werken;
  2. Een leveranciersmarkt waar fabrikanten innovatieve producten en diensten presenteren;
  3. Netwerkbijeenkomsten om elkaar te ontmoeten, ervaringen uit te wisselen en over aansprekende thema’s te discussiëren.

WAT MAAKT DIT EVENEMENT ZO BIJZONDER?

  • Er zijn verschillende topsprekers aanwezig die presentaties geven op het gebied van gezondheid, veiligheid, inkoop, gedrag en HRM.
  • Er is een leveranciersmarkt waar alle topfabrikanten bij elkaar staan en hun innovaties laten zien.
  • Bezoekers komen met elkaar in contact om ervaringen te delen, te netwerken en met elkaar te discussiëren.